Eddy Popov had een baard
0 Reacties | Bekeken: 1000 12-09-2007
Geschreven door Tim Nijhof
We schrijven het jaar 1916. Een vrijdag in september. Achteraf is het misschien makkelijk praten, maar wanneer je het trosje ooggetuigen dat nog in leven is vraagt naar die dag, dan zeggen alle gelukkigen die erbij waren, zelfs dhr. Gramsbulk uit Meppel, dat ze voelden dat er iets bijzonders ging gebeuren.
Eddy Popov uit Australië speelde tegen de Iraniër Taksiv Gorgonzolan. Het was de halve finale van het zwaarbezette Oezbekistan Open. De lange slagenwisselingen op het Oezbeekse gravel hielden de toeschouwers op het puntje van hun kei. Stoelen waren in Oezbekistan in die tijd verboden.
Ook voor 1916 waren er al talloze zinderende tennismatches afgewerkt. Neem de beruchte ontmoeting in 1908 tussen de Kameroenees Baba Song en de Russische kampioen Igor Sombrovitsj, in Emst. Bij een 2-1 stand in de eerste set in het voordeel van de Afrikaan at zijn tegenstander uit pure frustratie de umpire op. Song werd vervolgens, terecht, door het publiek tot winnaar uitgeroepen.
Hoe mooi dit waargebeurde verhaal ook moge zijn, ‘Oezkbekistan 1916’ staat op zich. Meer daarover nu. Popov was een sluwe service-volleyspeler, die, alhoewel gehandicapt omdat hij vanwege darmproblemen tijdens een partij minstens 27 keer zijn behoefte moest doen – dat was geen pretje, mede omdat de staat van de toiletvoorzieningen zich in de jaren ’10 op een dieptepunt bevond -, er een gewoonte van maakte om pas bij een 2-0 achterstand in sets zijn beste spel te etaleren.
Helaas voor hem gingen alle partijen in de gloriejaren van Popov over twee gewonnen sets, waardoor hij nooit verder kwam dan de eerste ronde. In Oezbekistan zat het echter eindelijk eens mee. Door een gunstige loting was de Australiër vier keer op een bye getrakteerd, waardoor hij geen minuut hoefde te spelen en okselfris aan die voor hem zo belangrijke confrontatie begon.
In de halve finale verloor hij de eerste set, ondanks gelijkopgaande games, met 6-0. De tweede set was van hetzelfde laken een pak. Bij een 5-0 achterstand kon zelfs mevrouw Popov, die haar man in de loop der jaren door dik en dun had gesteund, het niet meer aanzien.
Huilend verliet ze het stadion, nam het eerste vliegtuig naar Australië en trok zich terug in een nonnenklooster.
Juist toen de treurende echtgenote de plaat poetste, gebeurde het. Eddy Popov zat tegen de stoïcijnse Iraanse baseliner Gorgonzolan weer eens lekker in de rally. Gelukkig was daar het vertrouwde moment dat Eddy zich niet langer kon beheersen. Als een op hol geslagen kariboe stormde hij naar voren.
Hij stond aan het net, klaar om gepasseerd te worden. Gorgonzolan dirigeerde de bal hard en loepzuiver naar de backhandkant van Popov. Onbereikbaar voor de Australiër. Dacht iedereen. Popov waagde een sprong, vloog volgens de mythe drie meter door de lucht en bereikte de gele vlek. Hij slaagde er in de bal over het net te boksen. Een wonder, de mooiste stopvolley ooit.
Het publiek had nagelbijtend toegekeken en barstte op het moment dat de bal neerplofte in een bewonderend gefluit uit. Popov werd stil. Hij keerde het net en zijn opponent zijn rug toe. Dit waren zijn seconden. Hij keek rond. Al die bewierokingen, waren die voor hem? Hij glom.
Plotseling veranderde het geluid van toon. Het klonk minder bewonderend, meer waarschuwend. Met een ruk draaide hij zich om. Voor zijn voeten lag de bal. Wat was er gebeurd? Popov had de bal zoveel effect meegegeven dat hij terug was gestuiterd en aan de verkeerde kant van het net was beland.
Hij lachte. Popov lachte en kon niet stoppen met lachen. De arme, waanzinnige Australiër verloor de wedstrijd met twee keer 6-0. Nog altijd praten de mensen over die grandioze actie en die wonderlijke speler: Eddy Popov, die zichzelf versloeg met de mooiste stopvolley ooit. En hij had nog een baard ook.

